Jos Lansink (61 jaar), de Olympisch Kampioen van Barcelona, mag zich de nieuwe bondscoach van TeamNL noemen. Lansink startte zijn carrière in Nederland, waarna hij zijn carrière voortzette bij Zangersheide. Sinds 2004 runt Lansink zijn eigen spring- en handelsstal. Hippomundo sprak met Lansink over zijn nieuwe functie en zijn visie op de fokkerij.
U bent nu een aantal weken de nieuwe bondscoach van TeamNL. Hoe zijn de eerste weken als bondscoach bevallen?
Het is nog allemaal aftasten. Ik heb al met een aantal ruiters onder vier ogen gesproken en een planning proberen te maken voor het nieuwe seizoen. Dit is echter wel een uitdaging, doordat al vier Wereldbeker-wedstrijden zijn uitgevallen vanwege Covid-19 (Jumping Amsterdam, Basel, Bordeaux en Gotenborg). De paarden kunnen nu moeilijker in het ritme komen voor de Wereldbeker-finale. Voor zo'n finale moet je echt ritme hebben.

De oude (Rob Ehrens) en de nieuwe bondscoach (Jos Lansink) van teamNL
Wat zijn volgens u goede eigenschappen voor een bondscoach?
Een bondscoach moet de juiste afstemming hebben, zodat de ruiters genoeg concoursen rijden, maar ook weer niet te veel. Je moet samen een doel voor ogen hebben en met een goed plan daar naartoe werken. Ook al lukt het dan niet, dan heb je er in elk geval alles aan gedaan. Als je uit de losse pols maar wat doet, dan kom je niet tot de gewenste resultaten.
Heeft u bepaalde doelen voor het team?
Dat is een hele simpele vraag. Prestaties leveren natuurlijk. Of dat lukt is natuurlijk afhankelijk van de paarden en de ruiters en er zijn natuurlijk altijd factoren waar je als bondscoach geen invloed op hebt. Het zou mooi zijn als we als team bij de eerste zes kunnen eindigen op het WK in Herning en ons daarmee direct kwalificeren voor de Olympische Spelen in Parijs in 2024.
Wat vindt u van het nieuwe format van de FEI (drie ruiters ipv vier, geen wegstreepresultaat)?
Daar zijn de meningen heel erg over verdeeld. Persoonlijk vind ik dat bij dit nieuwe format te snel wat mis kan gaan. Als bijvoorbeeld de eerste ruiter, door wat voor reden dan ook, al veel fouten maakt, rijden de tweede en derde ruiter eigenlijk alleen voor de eer van het land, maar die fouten zijn niet meer goed te maken. Met een wegstreepresultaat is het nog te herstellen, waardoor de wedstrijd ook spannend blijft. Dus persoonlijk zou ik nog voor het oude format kiezen.
In een ander interview vertelde u: "We hebben wel goede ruiters, maar missen de toppaarden op dit moment".Wat missen de paarden?
Vroeger in mijn tijd hadden we veel meer echte toppers die boven de rest uit staken, zoals Ratina Z, Topgun en Egano. We hebben nu zeker geen slechte paarden, maar ze missen net het allerlaatste. Daarom is het nóg belangrijker om een goed plan te hebben. De ruiters van TeamNL zijn wel ruiters die goed kampioenschappen kunnen rijden, dat is hele andere koek dan een gewone Grote Prijs op zondag.
Waar moeten de fokkers op letten zodat we in de toekomst wél die toppers fokken?
Eigenlijk is het complete plaatje belangrijk. Instelling, hardheid, voorzichtigheid, vermogen en rijdbaarheid. Met één minpunt kun je leren omgaan, maar met drie of vier minpunten wordt het toch moeilijk. Het is dus belangrijk om zoveel mogelijk positieve punten in een paard te krijgen. Op hoog niveau is het vooral ook heel belangrijk dat het paard zich goed laat bewerken, dat het paard accepteert wat de ruiter vraagt. Vaak zie je ook dat hoe langer de ruiter het paard rijdt, de afstemming beter wordt en daardoor de prestaties ook beter worden.
Wat velen misschien niet weten is dat u zelf ook fokker bent en ook nog met succes. Er zijn twee nakomelingen uit één jaargang goedgekeurd. Afgelopen week is de door u gefokte hengst Notting Hill JL (Cumano x Nabab de Reve) goedgekeurd bij het KWPN en in 2021 ook nog Chaudfontaine JL Z(Chacco-Blue x Nabab de Reve), beide uit uw merrie Valentina van 't Heike. U fokt dus zelf ook?
Ja ik probeer goede sportpaarden te fokken. Ik fok met name met merries die we zelf hebben uitgebracht in de sport. We krijgen zo'n 7-10 veulens per jaar, voornamelijk via ICSI of embryo transplantatie. Het voordeel van deze technieken is dat je dan meerdere veulens per jaar uit een goede stam kan krijgen en je dus meerdere hengsten kunt proberen. Wel proberen we deze technieken altijd zo diervriendelijk mogelijk toe te passen door de natuurlijke cyclus van de merrie te gebruiken. Het paard moet geen melkkoe worden. Bij het maken van de hengstenkeuze proberen we een hengst uit te zoeken die een toegevoegde waarde geeft aan de merrie.

De door Jos Lansink gefokte gekeurde hengst Chaudfontaine JL Z
Kijkt u ook met een andere blik naar de fokkerij doordat u zelf volop in de sport heeft meegedraaid?
Dat denk ik wel. Fokkers zeggen wel eens dat ze al een 1.60m paard hebben gefokt als een paard goed meeloopt op 1.30m niveau. Maar ik weet uit ervaring dat er tussen de 1.45m en de 1.60m nog heel veel paarden afvallen. Ze missen dan vaak instelling of vermogen
Omdat u zowel in Nederland als België actief bent (geweest) vragen wij ons af, is er een verschil tussen de Nederlands en Belgisch gefokte paarden?
Ja, dat vind ik wel. Belgische paarden hebben van nature meer vermogen, maar hebben vaak minder mooie types. Nederlandse paarden hebben vaak betere rijdbaarheid en mooiere types. Ik heb eigenlijk niet echt een voorkeur, ik wil gewoon een goed sportpaard. Als je echt eens goed naar het exterieur van de toppaarden kijkt, is dat vaak ook niet perfect en toch kunnen ze fantastisch springen.